V.O.C. op trainingskamp in Valencia

VOCabulaire
V.O.C. op trainingskamp in Valencia.
In de Spaanse stad Valencia bereiden V.O.C. 1 en Onder-23 zich van donderdag 11 tot zondag 14 januari voor op de tweede seizoenshelft.
Dit onder toeziend oog van de 32 sponsors die dit trainingskamp mede mogelijk maken. Het thuisfront kan hun verrichtingen volgen, want de VOCabulaire spreekt tijdens dit lange weekend met trainer, spelers en sponsors en tekent hun ervaringen op.
Door: Diederik de Groot
Dag 1 en 2
Wouter, de eerste dag en nacht in Valencia zijn achter de rug. Hoe is het bevallen?
Wouter: Het begon heel, heel vroeg. We verzamelden ons om drie uur ‘s ochtends bij V.O.C., wat ongelooflijk vroeg was. Daarna reden we naar Schiphol en daar kwamen we twee uur te vroeg aan. De vlucht verliep soepel en we hebben daarna een fantastische lunch in het hotel, dat ook uitstekend is.
Vervolgens hebben we op een pleintje straatvoetbal gespeeld. Het was hilarisch, vooral toen een paar man een panna kregen. Tobias Poggio kreeg de ergste, van Ruben Soares.
Nou toen hadden we wel een drankje verdiend dus zijn we op het terras gaan zitten. Dat liep over in de traditionele quiz, dit keer hadden Nico van Mechelen, Tom Wigmans en Martijn de Vries hem gemaakt. Daar zaten een aantal heel grappige vragen in, veel spelers kwamen aan de beurt en we hebben erg hard gelachen. Ik kan je wel vertellen welke vragen het waren, maar sommige kunnen echt niet, dus je gaat ze waarschijnlijk toch niet opschrijven.… (Daar had Wouter gelijk in, red.)
Het team van Sebas Quispel en Bas Hooft won de quiz en ze kregen als prijs een fles drank. Aangezien zij daar het meest van houden was het wel prima dat zij hem kregen. Toen zijn we met de sponsors die er al zijn in het hotel wat gaan drinken en daarna samen gaan eten. Het restaurant was uitgezocht door Nico en het was echt heel erg goed. Donovan Peters, de teammanager, werd nog bedankt voor de organisatie van het trainingskamp en er werd gezongen. Toen was het dus ook wel tijd om het restaurant te verlaten, maar we hebben het heel gezellig gehad, spelers en sponsors samen.
Heb je nog een favoriete sponsor?
Wouter: Nou dan wil ik toch de familie Hoogendijk even noemen. Die doen met alles mee, dus uiteraard waren ze er ook bij toen we na het diner de stad in trokken. Van de sponsors was Jan Paul van den Bos, de vader van Matthijs, er ook bij en ook een man met een bril. Eerst gingen we naar een kroeg en daarna naar de club. Ik heb het bandje nog om trouwens. Club Diva was dat, echt een geweldige tent. We moesten wel even wachten omdat we er te vroeg waren. Het was heel gezellig binnen, maar het was natuurlijk wel een lange en drukke dag geweest, dus Jeroen Straetemans deed een klein slaapje in de buurt van de wc. Ik kwam trouwens nog een Nederlander in de club tegen die zei dat hij zaterdag een wedstrijd tegen ons moet spelen.
Maar goed, aan al het moois komt een eind dus we zijn na een mooie nacht terug naar het hotel gelopen en onderweg hebben we nog een Turkse pizza gegeten. Daarna zijn we, na wat oponthoud op de gang in het hotel, gaan slapen. Het was een topdag en een onvergetelijke nacht!
En vanochtend weer fris en fruitig aan het ontbijt?
Wouter: Het ontbijt was wel wat vroeg, vond ik. Dat was voor sommigen vrij zwaar. We zijn daarna gaan trainen en dat was goed voor de teamspirit. Ook dat was voor sommigen trouwens vrij zwaar, voor door Derek Tempelman. Hij was naar het veld gelopen terwijl hij zijn schoenen in zijn handen had en heeft ze toen neergelegd. Vervolgens schrok hij en vroeg hij zich af waar zijn schoenen waren. Hij is toen helemaal teruggelopen naar het hotel om ze te zoeken. Daar lagen ze natuurlijk niet, dus heeft hij materiaalman Jan Snaterse gebeld. Die zei dat hij ze ook niet kon vinden, terwijl ze dus gewoon langs het veld lagen. Toen heeft Derek voor veertig euro een nieuw paar gekocht, om er vervolgens achter te komen dat zijn schoenen gewoon op het veld lagen.
We zijn halverwege het voetbalseizoen. Hoe kijk je terug op het eerste deel?
Wouter: Onze wedstrijden zijn soms moeilijk, maar we zijn meestal niet minder dan onze tegenstanders. Eigenlijk zijn we maar drie keer echt kansloos geweest en dat was in de eerste wedstrijden van het seizoen. Daarna zijn we veel beter gaan spelen en konden we het elke tegenstander moeilijk maken. Het probleem is dat we door belangrijke details er niet in slagen om wedstrijden te winnen, terwijl dat wel had gemoeten of gekund. Neem de thuiswedstrijd tegen Westlandia. Daar overdrijf ik niet als ik zeg dat we bij rust met 4-0 voor hadden moeten staan. Maar we scoorden niet en na rust stonden zij binnen vijf minuten met 0-2 voor. Ontzettend onnodig en zonde. We hebben gelukkig laten zien dat we goed kunnen voetballen en er zit veel wilskracht en energie in het team. Ik heb er vertrouwen in dat dat na de winterstop tot meer punten gaat leiden. We werken in Valencia nog even aan de teamspirit, waar het sowieso al goed mee zat. Dat is onze kracht. En zoals Sebas Quispel altijd zegt: we verliezen nooit de eerste wedstrijd na het trainingskamp! Dus daar gaan we ook dit jaar weer voor, volgende week tegen Nieuwenhoorn.
Dag 3
Miech, je mag er zo dieper op ingaan, maar kun je kort samenvatten wat jullie tot nu toe hebben gedaan?
Miech: Gisteren zijn we aangekomen. De spelers gingen voetballen, terwijl wij, de sponsors, heerlijk op het strand hebben geluncht. Daarna zijn we naar een door de spelers uitgekozen restaurant gegaan en vervolgens samen naar La Diva, een erg leuke club. Het was vrolijk en gezellig; we liepen zingend door de stad. Gek genoeg kozen we voor een Ajax-liedje, hoewel we bijna allemaal Feyenoorders zijn. Hoe dan ook: de eerste dag was al fantastisch en het trainingskamp is pas net begonnen!
De familie Hoogendijk heeft al flink wat ervaring met V.O.C.-trainingskampen, hè?
Miech: Ja, dat klopt. Meer dan tien jaar geleden gingen we voor het eerst mee als sponsors, ik samen met mijn vader Hewi en inmiddels gaat ook mijn broertje Stijn mee. We hebben een tijdje een pauze genomen, ongeveer vijf jaar, maar sinds Malaga (2022) zijn we weer van de partij. Vorig jaar waren we in Barcelona, en nu dus in Valencia. Dit vind ik eigenlijk een betere stad voor een trainingskamp met sponsoren dan Barcelona, want dat is veel groter, wat het moeilijker maakt voor sponsors en spelers om elkaar te vinden. Valencia is compact en overzichtelijk. Gisteravond zijn we na het eten met z’n allen naar de club gelopen. De tent waar we eindigden was helemaal leeg voordat wij kwamen, maar het werd leuk toen wij er met zijn allen binnen waren. De sfeer onderling is geweldig.

Van links naar rechts: Miech Hoogendijk, Iskander Ketting, Stijn Hoogendijk
En vervolgens gingen jullie met zijn allen netjes op tijd naar bed?
Miech: Nou nee. In de club kwam ik de broer van mijn vriendin tegen (de middelste op bovenstaande foto, red.). Hij woont hier tijdelijk om Spaans te leren en speelt toevallig in het team dat op zaterdag tegen V.O.C. 1 gaat spelen. Het is een elftal dat hij met Spaanse en Nederlandse vrienden heeft gevormd. We blijven hem drankjes geven, daar profiteren de spelers van V.O.C. mogelijk van als ze tegen hem moeten spelen. Bas Hooft betaalde voor een tafel in de club, maar uiteindelijk waren we met meer mensen dan gepland. We snelden naar beneden en overtuigden de beveiliger ons binnen te laten. Uiteindelijk hebben we niet veel uitgegeven vergeleken met anderen.
Als je de huidige groep spelers vergelijkt met die van je eerste keer, zie je dan veel verschil? Of is de sfeer min of meer hetzelfde gebleven?
Miech: Tien jaar geleden waren veel spelers persoonlijke vrienden van mij, tegenwoordig zijn het meer leuke gasten die ik ken van de trainingskampen. Ze lijken zo onschuldig, vooral de spelers van Onder-23. Maar tijdens zo’n lang weekend ontdek je vaak dat dit slechts schijn is. Aan de jongste spelers kon je bij het ontbijt en de lunch wel zien dat ze een leuke avond hadden gehad. Dus eigenlijk is dat niet veel anders dan tien jaar geleden. Er gebeuren soms dingen die je achteraf niet begrijpt, maar waar je wel heel hard om moet lachen. Ik zit trouwens in een aparte groepsapp met een aantal sponsors en ook wat spelers. We ondernemen ook samen dingen, wat een mooi voorbeeld is van de verbondenheid tussen spelers en sponsors tijdens een trainingskamp.
Wat is voor jullie de reden om steeds weer als sponsor het trainingskamp mogelijk te maken?
Miech: Het is elke keer puur genieten. Dat we sponsors zijn van het trainingskamp, doen we niet omdat we zakelijk voordeel verwachten. Het gaat ons om de gezelligheid. Samen zijn en plezier hebben, daar draait het allemaal om.
Dag 4:
Tobias, je was voor het eerst mee op trainingskamp he? Is het een beetje bevallen?
Tobias: Ja, dit was de eerste keer inderdaad. Ik keek hier al een hele tijd enorm naar uit. Mijn broer (Sebastián, speler van V.O.C. 1, red.) is al vaker mee geweest en die heeft me in grote lijnen een beetje verteld wat ik me bij het trainingskamp moest voorstellen. Maar dat was niet echt gedetailleerd, want ik kon het natuurlijk veel beter zelf gaan meemaken. En ik kan nu zeggen dat het al mijn verwachtingen heeft overtroffen. Het is echt heel mooi om iedereen ook op deze manier te leren kennen.
Wat is dan precies die andere kant van mensen die je in Valencia hebt gezien?
Tobias: Nou, ik doel dan vooral op een paar mensen van de staf. Normaal zien wij natuurlijk alleen maar dat ze heel serieus en professioneel bezig zijn met onze trainingen en wedstrijden. Maar je zag nu dat ze ook een minder serieuze kant hebben. Met name tijdens de avond en nacht!
Ik vond het mooi om te zien dat ze echt iets van die avonden probeerden te maken en er helemaal in op gingen. Eén staflid vond de eerste avond zelfs wel extreem gezellig! Een dag later was dat een heel ander verhaal….
Je zou het bijna vergeten, maar jullie hebben ook nog gevoetbald. Onder-23 speelde tegen het eerste elftal van Graaf Willem II VAC (koploper in de zaterdag 3e klasse B). 3-1 verloren, maar wel een goal van jou. Was het een lekker potje?
Tobias: Het was echt een verschrikkelijke wedstrijd van onze kant. Het is maar goed dat de sponsors niet voor het voetbal zijn gekomen, want anders gingen ze nooit meer mee nadat ze dit hadden gezien. Nee, wij hebben met deze wedstrijd wel bewezen dat het echt een heel slecht idee is om te leven zoals wij dit weekend hebben gedaan. Dat moeten we dus zeker niet elke week gaan doen..
Dus eigenlijk waren de activiteiten die niks met voetbal te maken hebben veel leuker en succesvoller?
Tobias: Nou we hebben padel gedaan en dat was toch ook wel een flink dieptepunt. Ik heb me zelden minder fit gevoeld dan tijdens deze activiteit. Overigens zagen wel meer jongens eruit alsof dit net even te veel voor ze was, zo aan het einde van het trainingskamp.
De dagen daarvoor waren een stuk beter! De avonden zijn wel een beetje een waas, er gebeurt zo veel.. De ochtend na de eerste nacht gingen we trainen en toen zag je nog wel dat iedereen nog een bepaalde positiviteit uitstraalde, maar toen we eenmaal waren begonnen werd het toch wel zwaar.
De tweede avond stonden we in Club Mia er een beetje bij als hele jonge jongens die het al helemaal hadden gemaakt. En Wouter van der Loo en Matthijs van den Bos deden midden in de club een klein dutje. De volgende ochtend hebben we een wandeling gemaakt en dat was een goed begin. Want als je de eerste activiteit overleeft, dan weet je dat je er weer een dag tegenaan kan. Dat was dus top. Alles bij elkaar was het gewoon een prachtige ervaring.
En die ervaring duurde noodgedwongen een nacht langer dan gepland he?
Tobias: Ja, helaas wel. Voor mij en veel anderen was het wel gewoon echt klaar, ik heb morgen een tentamen. Ik had ingeschat dat ik wel mee kon op trainingskamp, want die zondag dat we terug zouden komen, zou ik dan in ieder geval nog een nacht goed kunnen slapen. We moesten alleen nog even terug naar Nederland vliegen en dat ging dus bepaald niet vlekkeloos.
We waren nog maar net opgestegen maar toen merkte je al dat er iets aan de hand was, want we bleven heel laag vliegen. Het bleek dat we aan het omkeren waren, omdat in de cockpit een melding over rookontwikkeling zou zijn binnengekomen. Ons werd verteld dat we vooral niet in de stress moesten schieten, maar wel zo snel mogelijk wegwezen uit het vliegtuig. Tsja, dan wil je wel echt naar buiten en gauw. De meeste mensen bleven rustig toen het allemaal gebeurde en daardoor was ik dat ook. Iedereen is uiteindelijk ongedeerd van boord gegaan.
Toen moesten we ook nog eens urenlang op het vliegveld wachten, tot onze koffers er waren en de bus klaar stond. Om middernacht waren we in het hotel en de volgende ochtend moesten we om half zeven alweer opstaan.
Tot slot: hoe vond je het met de sponsors en heb je nog een favoriet?
Tobias: Ja, de sponsors hebben echt laten zien wat ze kunnen tijdens dit trainingskamp. Dat was top, ik was zeer onder de indruk. Een paar kende ik al, anderen heb ik leren kennen. Het was fantastisch om te zien hoe ze in de club dansten en alles samen met ons hebben meegemaakt. Ze hebben het trainingskamp niet alleen mogelijk gemaakt, maar verbeterd met hun aanwezigheid.
Als ik moet kiezen, dan is het groepje van Steven van Dijk en Sanne Weeda wel mijn favoriet. Die zijn er ook altijd bij onze wedstrijden en ik vond het erg gezellig dat ze er ook in Valencia bij waren.
Nog iets toe te voegen?
Tobias: Er moet misschien een nieuwe regel komen: na twaalf uur een verbod op het plaatsen van Instagram-stories. Want dat is voor niemand een goed idee, denk ik….
Dennis van den Broek, voorzitter Sponsorcommissie
Dennis, Sietske (ook van de Sponsorcommissie) heeft gezegd dat jij van iedereen het beste in staat bent om een mooi coherent verhaal over dit trainingskamp te vertellen. Het is nu zaterdagmiddag. Waar ben je nu en hoe waren de afgelopen dagen?
Dennis: Heeft Sietske dat gezegd? Nou, daar heeft ze wel een punt ja. 
We bevinden ons nu op een door sinaasappels omringd knollenveld. Ik kan het echt niet anders omschrijven dan dat. Het eerste elftal heeft hier zojuist met 2-2 gelijkgespeeld. Zojuist zijn we allemaal diep onder de indruk geraakt van de warming up van de Onder-23, die nu net aan hun wedstrijd zijn begonnen. Het bestond uit naar elkaar toe lopen en dan met elkaar praten. En dan een bal overschieten. Echt prachtig om te zien. Verder staan we hier onder een waterig zonnetje, het is wel frisjes. Eerder vandaag hebben we met de sponsors gefietst. Valencia is natuurlijk een schitterende stad. Dat fietsen hielp wel om gisteravond een beetje te verwerken. En een biertje drinken helpt trouwens ook.
Noem jij het een herstelbiertje of een schrikpils?
Dennis: Ja, bij Harm Borrie heet het schrikpils. En bij mij was het ook wel even schrikken, maar uiteindelijk leidde het wel tot herstel.
Miech Hoogendijk zei in het vorige verslag dat Valencia wat hem betreft een zeer geschikte stad is voor een trainingskamp. Beter dan Barcelona, want dat is wel erg groot. Ben je het met hem eens?
Dennis: Dat zou best weleens kunnen kloppen. Alhoewel, wij waren met de groep sponsors en moesten ongeveer honderd meter lopen toen we de bus uit stapten. En gedurende dat loopje dat honderd meter had moeten zijn, raakten we elkaar kwijt. Dat is toch best knap. De straatjes waren zo klein dat de groep in het midden werd gespleten.
Maar goed, toen kwamen we uiteindelijk aan bij een piepklein zaakje, dat ramvol zat met een man of twintig. Toen bestelde ik dertig caña’s (bier). De ober zijn ogen sprongen bijna uit zijn kassen. Eerst dacht hij dat ik er drie wilde, maar toen hij besefte dat ik dertig zei, begon hij heel enthousiast te tappen. De mensen daar realiseerden zich dat er grote dorst was aangekomen. Toen hebben we de hele tapvoorraad van Noord-Spanje opgedronken en 6.500 padronpepers gegeten.
Oh, de sproeier gaat nu trouwens aan terwijl Onder-23 aan het voetballen is. En straks gaat hier ook de barbecue aan. We eten en borrelen dan hier met alle spelers en sponsors.
Het eerste heeft al gespeeld, 2-2 werd het. Hebben jullie van de wedstrijd genoten?
Dennis: Nou, tijdens de voetbalwedstrijd van het eerste liepen we eigenlijk tegen een flink probleem aan, namelijk dat de blikken bier met een soort kit aan elkaar vast zaten. Daardoor duurde het een eeuwigheid voor het personeel erin was geslaagd om je een paar biertjes te geven. Gelukkig hadden de sponsors Jan, wereldkampioen armpje drukken, om ze los te krijgen. En Erik had het beste idee: die kocht gewoon hele pallets, zodat de mensen achter de bar niets uit elkaar hoefden te halen.
Was er dit jaar geen gezamenlijk diner in een restaurant in de stad?
Dennis: Nee, want dat was niet altijd een even groot succes. Het is gewoon ontzettend lastig om een goede eettent te vinden als je met meer dan zeventig man bent. Dus hebben we het nu zelf geregeld met een barbecue naast het veld straks. Harm heeft de mensen hier volgens mij heel goed geïnstrueerd. Hij is hier zelfs gisteren al gaan kijken.
En dan gaan we daarna naar een of andere rooftop ergens in Valencia. Daar vermaken we ons vast ook weer.
Als iemand aan je vraagt waarom diegene als sponsor mee zou moeten gaan op trainingskamp, wat zeg je dan?
Dennis: Kijk, zo’n tripje is toch altijd een paar dagen vrij nemen. Daar zien mensen best wel tegenop. Maar het is altijd hetzelfde als je met z’n allen ergens in het buitenland een biertje en een wijntje staat te drinken: de sfeer is geweldig en de verbondenheid onderling is altijd vanaf het eerste moment al top. En dan komen in dit geval nog allemaal mooie oude verhalen langs van alles dat we al die jaren hebben meegemaakt met V.O.C.
Jong en oud lopen hier door elkaar, dat gaat ook heel goed samen. En je ziet daarnaast een mooie stad, waar het lekker eten en drinken is. Deze dingen vindt iedereen die meegaat gewoon heel erg leuk. Daar zijn weinig tot geen uitzonderingen op. Het is echt top om erbij te zijn en dat geldt ook weer voor deze editie.
Eenmaal weer thuis in Nederland deelde Dennis nog wat extra anekdotes met ons:
V.O.C. op trainingskamp in Valencia (2) 3Dennis: Ik ben blij dat Wouter van der Loo tijdens de voetbalwedstrijd minder snel leegloopt dan de accu van zijn auto. Hij moest mij naar Rotterdam Airport brengen, maar eerst moest zijn auto weer aan de praat raken. Er werd door zijn teamgenoten fanatiek geduwd, maar de techniekstudent aan de TU Delft wist niet wat hij vervolgens moest doen om zijn bolide ook daadwerkelijk te starten. Hij vroeg nog of hij de sleutel wel of niet moest omdraaien.
En dan was er nog de avond dat we zogenaamd naar de rooftopbar zouden gaan. We kochten voor twintig euro een kaartje, maar eenmaal boven bleek de bar dicht. We moesten dus weer naar beneden, waar een Spaans disco dansfeest met duizenden Spanjaarden aan de gang bleek te zijn. Het was een dertig plus-feest dat van zes uur ‘s middags tot middernacht duurde. De selectiespelers hebben zich op dit feest van hun beste kant laten zien, complimenten.
En tot slot wil ik nog laten weten dat Gerjan Rentenaar met een groepje op eigen gelegenheid naar Valencia was gekomen. Ze vlogen niet met de rest mee, maar hebben wel meegedaan aan ons programma. Om ze er toch een beetje bij te betrekken, hadden we in ons programmaboekje geschreven dat je altijd over hun appartement kon beschikken als je daar behoefte aan had. En als je dit stukje uitprint en aan hem laat zien, kan je zelfs altijd bij Gerjan terecht.






