Interview met VOC-voorzitter Folmer Krumpelman: "Het nieuwe voetbalhoofdveld is een gamechanger voor de club"
Sinds november 2024 is Folmer Krumpelman voorzitter van VOC. In gesprek met de VOCabulaire blikt hij terug op zijn eerste jaar aan het roer en kijkt hij vooruit. Over koers en keuzes, over sportieve en organisatorische vraagstukken en over de ontwikkelingen die de club de komende tijd bezighouden.
Door: Diederik de Groot
Je bent sinds november 2024 voorzitter van VOC. Hoe bevalt die nieuwe rol?
“Het is me goed bevallen. Ik vind het leuk, maar ik wist vooraf niet precies wat ik moest verwachten. Ik heb natuurlijk met mijn voorganger René van Ierschot gesproken en ook met mijn vrouw Eliane, die al in het bestuur zat. Maar je weet pas echt hoe zo’n rol voelt als je erin zit. Het is echt anders dan voorzitter zijn van de jeugdvoetbalcommissie. Toen zat ik veel meer in de operatie: teamindelingen, vaste schema’s, incidenten bij wedstrijden. Nu sta je daar verder vanaf.
“In het begin miste ik dat wel. Er gebeurden dingen bij de jeugd of op zaterdag waar ik niet meer automatisch van op de hoogte was. Dat voelde vreemd, omdat je daar jarenlang zo intensief bij betrokken bent geweest. Tegelijk dwingt deze rol je ook om los te laten en meer vanuit hoofdlijnen te kijken. Ik viel qua activiteiten natuurlijk wel met mijn neus in de boter met de viering van het lustrum gedurende het hele jaar en de promotie van het eerste terug naar de Vierde Divisie ”
Hoe is het om samen met je vrouw in het bestuur te zitten?
“Eigenlijk heel vanzelfsprekend. Eliane zat dus al veel langer in het bestuur en het was voor mij ondenkbaar om voorzitter te worden als dat zou betekenen dat zij eruit moest. Dat was voor het bestuur zelf, toen mijn voordracht is besproken, ook zo. Iedereen binnen het bestuur was het er over eens was dat het een goed plan zou zijn. Dat is ook expliciet zo uitgesproken. En bij het nemen van beslissingen levert dat geen problemen op. Binnen het bestuur van VOC werken we sowieso op basis van unanimiteit. Er wordt eigenlijk nooit gestemd. Dat was onder René al zo en dat probeer ik vast te houden.”
Waarom is dat zo belangrijk?
“Omdat je daarmee voorkomt dat besluiten door een meerderheid worden doorgedrukt. Soms kost het meer tijd, maar uiteindelijk staat iedereen achter wat we besluiten. Dat werkt, zeker bij gevoelige onderwerpen.”
Wat zijn voor het bestuur op dit moment de grootste dossiers?
"Er zijn eigenlijk twee dingen die op dit moment een groot deel van onze aandacht opeisen: de vernieuwing van het voetbalhoofdveld en de omgang met gedrag op onze club. Dat zijn ook de onderwerpen waar we als bestuur goede discussies met elkaar over hebben. Voor de club zijn het zeer belangrijke dossiers."
Laten we beginnen met het onderwerp gedrag. Hoe gaat VOC ermee om als leden of bijvoorbeeld ouders van jeugdleden, over de schreef gaan?
“We zijn een grote vereniging, met zo’n 1.850 leden. De grootste voetbalclub van Rotterdam. Dan is het eigenlijk onvermijdelijk dat er af en toe iets gebeurt waar iemand aanstoot aan neemt, of waar wij zelf vinden dat we moeten ingrijpen. We hebben natuurlijk een externe vertrouwenspersoon en we hebben een Gedragscommissie. Die commissie is recentelijk ook aangevuld met een vrouw.
“Het voordeel van zo’n commissie is dat je afstand creëert tussen bestuur en melders. De commissie opereert onafhankelijk van het bestuur, al is ze natuurlijk onderdeel van de club. Zij doen onderzoek, horen betrokkenen en komen met een advies. Dat advies bespreken we vervolgens in het bestuur. Waar we dan vooral discussies over hebben is de sanctionering: hoe streng moet je zijn? ”
Maar daarover bestaan dus meningsverschillen binnen het bestuur?
“Zeker, en dat is goed. De één is wat strenger dan de ander. Die discussie moet je voeren. Het belangrijkste is dat er zorgvuldig naar gekeken wordt en dat je elkaars argumenten serieus neemt. Het gedragsdocument zoals dat nu op de website staat, kan in ieder geval wel een opfrisbeurt gebruiken. Daarnaast moeten we kijken naar nieuwe situaties, zoals hoe we omgaan met niet-leden, bijvoorbeeld ouders. Dat zijn vraagstukken die steeds vaker voorkomen.”
Iets wat ook zorgt voor nieuwe vraagstukken, is het meisjes- en damesvoetbal op VOC. Dat bestaat nog niet eens zo heel lang, maar is heel snel gegroeid. Wat betekent dat voor de club?
“Omdat het meisjesvoetbal ‘volwassen’ wordt, heeft dat heel grote invloed op onze vereniging. Het brengt een hele goede dynamiek, maar ook een andere. Je gaat van een traditioneel min of meer ongemengde vereniging naar écht gemengd. Daar moet je op een goede manier mee omgaan.”
De VOCabulaire sprak dit jaar met Angela de Jong, columniste bij het AD en moeder van twee voetballende dochters op VOC. Zij zegt: “VOC heeft er in de publiciteit altijd heel handig gebruik van gemaakt dat ze een grote meisjestak hadden. Maar ik merk nu heel vaak dat het team van mijn oudste dochter er eigenlijk maar een beetje bijhangt. Als ze thuis spelen en er is geen plek, dan moeten zij naar VV Hillegersberg, terwijl de J016-4 wél hier mag voetballen. VOC is nog te veel een oude lullenbolwerk en dat moet veranderen.”
Heeft ze een punt?
“Nee. Het is druk op de velden voor meisjes én jongens. Op sommige plekken hebben jongens juist ruimte moeten maken voor meisjes. Bij de jongens onder 19 kun je soms nog maar één jaar spelen en stroom je een jaar eerder door naar het seniorenvoetbal. Dat hangt samen met de opkomst van het meisjesvoetbal, maar ook met seniorenteams die op zaterdag blijven spelen en het vast op zaterdag spelen door ons eerste team. We proberen het allemaal zo goed als mogelijk in te passen en dat lukt echt heel aardig. We hebben inmiddels dertien meisjesteams. MO17 speelt op het hoogste amateurniveau van Nederland, in de eerste divisie. Er is een damesteam dat grotendeels bestaat uit speelsters uit onze eigen jeugd. Daar zijn we gewoon trots op. Daarnaast is er enorme betrokkenheid van vrouwen en meisjes als vrijwilliger bij onze club. ”
Kan de club nog wel verder groeien eigenlijk? Of is dat niet gewenst?
“Nee. We groeien al een hele tijd niet meer en dat willen we ook niet. Het past nu allemaal maar net. Af en toe past het zelfs niet en daarvoor hebben we afspraken met Neptunus-Schiebroek en VV Hillegersberg. Dan wijken zowel jongens als meisjesteams af en toe even uit. Dat is niet ideaal maar werkt goed.”
Mijn beeld is dat bij VOC veel jongens niet doorstromen naar de senioren, maar er dan mee stoppen of naar een andere club gaan, bijvoorbeeld omdat ze gaan studeren in een andere stad. Klopt mijn beeld?
“Dat is iets dat ik vaker hoor, maar ik geloof niet dat dit klopt. Doordat jongens iets eerder vanuit de jeugd naar de senioren op zondag gaan, is die overgang inmiddels beter geborgd.
Is er niet nog heel veel ruimte over op zondag? Dan kunnen toch meer seniorenteams spelen?
“We hebben ook op zondag echt al behoorlijk veel teams spelen en de bezetting van de velden is hoog. We hebben veteranenteams, een vast groepje dat in de ochtend speelt en de voetbalschool van Kevin Kanu. Het klopt wel dat op zaterdag de mogelijkheden nog beperkter zijn. Op zondag hebben we nog wel enige speling.”
Daaruit is ook het weekendvoetbal ontstaan?
“Ja. Mede op instigatie van VOC en XerxesDZB zijn gesprekken gestart met de Gemeente Rotterdam, KNVB en Rotterdam Sportsupport over weekendvoetbal. Dan speelt een team soms op zondag in plaats van zaterdag, en dat weten ze ruim van tevoren.”
Bij andere grote clubs in onze regio, zoals TOGB, wordt actief gescout bij andere clubs om talentvolle jeugdspelers binnen te halen. Is dat voor VOC ook een optie, om daarmee het algehele niveau op te krikken?
“We hebben niet de ambitie om hele teams binnen te halen. Dan word je een club van passanten en dat willen we niet. We gaan uit van onze eigen kracht en scouten niet actief. De organisatie van onze jeugdopleiding heeft zich overigens de afgelopen twee jaar ook sterk ontwikkeld. Dat zie je terug aan het niveau van de teams en de aansluiting naar de senioren.”
“Ook het betalen van spelers van VOC 1 overwegen we niet. We doen het niet en we gaan het ook niet doen. We zijn daarin inmiddels wel een uitzondering, zeker op Vierde Divisie-niveau. Wij zijn er in ieder geval trots op dat we het niet doen. De promotie terug naar de vierde Divisie is er daarbij toch ook mee gelukt. Bij clubs waar wel betaald wordt, zie je veel meer passanten die minder binding hebben met de club. ”
Hoe is de betrokkenheid van onze eerste elftalspelers bij de club?
“Die groeit. Spelers van het eerste geven clinics en draaien mee als trainer. Wouter van der Loo is daar een goed voorbeeld van. Hij is ook onderdeel van het HJO apparaat (Hoofd Jeugd Opleiding) En er zijn ook genoeg jongens in het eerte die hier natuurlijk al hun hele leven spelen.”
De betrokkenheid van de rest van de club bij VOC 1 echter….. Dat kan toch wel een stuk beter?
“Dat klopt. Qua toeschouwersaantallen zitten we aan de onderkant van onze competitie. We werken er wel aan om dat te verbeteren. Wat we al doen is pupillenteams laten meelopen bij het eerste. Dan komen niet alleen de kinderen, maar ook hun ouders. Dat helpt al, maar het kan natuurlijk nog beter. Dat is ook een ambitie van dit bestuur.”
Kan het ook nog een optie zijn om wat meer evenementen te organiseren waar de hele club welkom bij is en elkaar ontmoet? Het winterfestival tijdens het afgelopen lustrumjaar is er een mooi voorbeeld van. Kunnen we dat niet elk jaar organiseren?
“De evenementencommissie is in ieder geval actiever dan ooit, met veel nieuwe en jonge mensen. Dat is echt een voorbeeld van vernieuwing. Niet alleen de usual suspects, maar nieuwe energie. Daar gaan we dus nog veel van horen de komende tijd.”
Er zijn ook activiteiten die succesvol waren, maar toch zijn verdwenen, zoals het gezamenlijke eten op de club op donderdagavond. Komt dat nog terug?
“Ja, dat gaan we zeker weer opstarten. Er is budget voor vrijgemaakt en we zijn mensen als Leen Hennink, Gerard Hekkelaan en Arjen Peters daar ontzettend dankbaar voor. Dat soort activiteiten zijn belangrijk voor het clubgevoel.”
Is er door de grote hoeveelheid voetbalteams nu vaker sprake van botsende belangen van de voetballers en de cricketers?
“Nee, eigenlijk niet. Misschien was dat vroeger wel eens zo dat weet ik niet, maar ik merk dat helemaal niet, en ook niet toen ik voorzitter van de jeugdcommissie was. Dat wordt in goede harmonie opgelost. Mensen als cricketvoorzitter Boris Hoes samen met de voorzitter voetbal Berend Jan Taken zetten zich daar juist enorm voor in.”
Hoe staat het er in zijn algemeenheid voor met het cricket?
“Cricket loopt in Nederland terug, dat zie je vooral buiten de Randstad. De meeste cricketactiviteit zit in Den Haag, Amsterdam en Eindhoven. In Rotterdam is het lastiger, maar binnen VOC blijft cricket natuurlijk een onlosmakelijk onderdeel van de club. Boris Hoes doet ontzettend goed werk en mede daardoor is onze cricketafdeling springlevend met een knappe handhaving in de Topklasse op het hoogste niveau van Nederland dus.”
Dan het voetbalhoofdveld, het grootste actuele dossier. Wat is de stand van zaken?
“We wachten nu op de uitslag van een milieutest van de gemeente. Er is onderzocht of de ondergrond vervuild is. Als dat zo is, moet niet alleen de toplaag, maar ook de ondergrond vervangen worden. De toplaag wordt sowieso door de gemeente betaald in ruil voor overdracht van de grond. Ten aanzien van de ondergrond komen we er ook wel uit met de gemeente.”
Wanneer gaat dit gebeuren?
“De planning is dat het deze zomer plaatsvindt.”
Welke keuzes moeten er worden gemaakt betreffende het soort veld dat er komt te liggen?
“We hebben gekeken naar verschillende soorten infill. Het huidige type mag vanaf 2030 niet meer worden aangelegd. Kurk is een alternatief, maar duur in onderhoud. In Rotterdam wordt door het Sportbedrijf Rotterdam nu gewerkt met een gepolijst zand. Dat ligt al bij clubs als Overschie en Charlois. De eerste geluiden daarover zijn positief.”
Verandert ook de inrichting rondom het veld?
“Ja. Het veld wordt teruggebracht naar normale afmetingen en het hek komt op vier meter afstand van de zijlijn. Daardoor wordt het voorplein tussen het clubhuis en het veld een stuk groter. Dat biedt kansen: een buitenbar in de zomer, een groter balkon. Dat zijn ideeën waar we nu mee spelen.”
Wat betekent dit financieel voor VOC?
“Het is echt een gamechanger. We zijn straks af van aanleg, onderhoud en afschrijving van het hoofdveld. Dat geeft structureel financiële lucht en is misschien wel de grootste verandering van de afgelopen 25 jaar.”
Er is ook de wens om het scorebord op het hoofdveld te vervangen door een LED-scorebord, waarop een stuk meer te tonen is dan alleen de tijd en de score. Bijvoorbeeld sponsoruitingen en video’s. Hoe staat het daarmee?
“Er lopen gesprekken met sponsoren om dat mogelijk te maken. Met de verbouwing van het hoofdveld en de nieuwe omheining ontstaan ook nog andere nieuwe mogelijkheden. Sponsorborden blijven individuele borden, maar de zichtbaarheid wordt beter.”
Tot slot: Wat wil jij als voorzitter de komende jaren bereiken met de club?
“Nou, niet per se iets specifieks. Ik hoef geen enorme persoonlijke stempel achter te laten. Het gaat mij erom dat we als bestuur goed samenwerken en dat we VOC structureel sterk houden. De overdracht van het hoofdveld is daarin een belangrijke stap. Dat geeft de club letterlijk en figuurlijk meer ruimte voor de toekomst. Het clubgevoel en de familiale sfeer die we hebben, zou ik zoveel als mogelijk in stand willen houden en verder willen versterken. Verder wil ik vooral goed ‘op de winkel passen’ zodat de club zonder al te veel problemen door blijft draaien.”
