• Een lustrumboek vóór, dóór en ván V.O.C.'ers

  • Door: Loeke Bannink en Diederik de Groot

    De speciale ingebonden versie van het lustrumboek is nu te verkrijgen! Daarnaast is het mogelijk om lustrumboeken die niet zijn aangekomen, alsnog op te halen. Lees hier meer

    Dit jaar viel bij elk lid van V.O.C. een glanzend boek op de mat, waar naast ons logo ook hun eigen naam op staat. Het is het prachtige lustrumboek dat is geschreven ter ere van het 125 jarig bestaan van de vereniging. Doordat corona roet in het eten gooide konden er geen grote festiviteiten worden georganiseerd rond het lustrum van 2020. Wel kreeg elk V.O.C. lid een eigen uitgave van het lustrumboek, zonder extra kosten.

    Al sinds 2013 werkte een commissie bestaande uit Rob de Widt, Bert Roldaan, Feiko van den Oever, Louis Reijnierse, Pieter de Groot en Luuk Bannink aan een lustrumboek. Die laatste twee zijn ook de vaders van twee leden van de VOCabulaire-redactie. Zo ontstond het idee voor dit familie-interview.

    Sinds het boek in maart 2022 helemaal af is en vervolgens in april is gepresenteerd, is er duidelijk wat veranderd in de huizen Luuk en Pieter, zo vertellen zij zelf.

    Luuk: Ik slaap een stuk rustiger!

    Pieter: Ik had in de hoek van de kamer een stoel waar allemaal documenten op lagen. Die veranderden iedere keer van samenstelling als ik iets wilde opzoeken of erbij halen. Wat vooral wel de hele tijd leefde was het gevoel dat er nog ‘iets’ moest. Dat zal Luuk nog meer hebben gevoeld, want het was bijna dagelijks werk voor jou, denk ik?

    Luuk: Bij mij was het niet één stoel maar een hele kamer. Daar staan dozen vol met materiaal voor het boek. En daar komt overigens steeds meer materiaal bij. Er is nog heel wat waarvan we denken: dat had ook nog in het boek gekund.

    Dat was ook wel het probleem toen we het gingen samenstellen: keuzes maken. De gouden greep is denk ik geweest dat Pieter zei: plaatjes, plaatjes, plaatjes!

    Pieter: Rob de Widt heeft uit alle hoeken en gaten foto’s weten te verzamelen. Hij was eigenlijk de fotoredacteur. Die heeft nog heel veel materiaal bewaard van vroeger, voor de tijd dat René van Ierschot overal een foto van maakte.

    Daarnaast hebben we gelukkig ook persoonlijke archieven waar we uit konden putten. De term ‘kill your darlings’ is tijdens het selectieproces zeker een aantal keren voorbij gekomen. En er zijn ook dingen gemaakt die heel aardig waren, maar het toch niet gehaald hebben.

    Luuk: En daar hebben we ook nogal wat teleurgestelde mensen over aan de telefoon gehad…

    Pieter: Misschien zitten er nog leuke dingen bij om eens in de VOCabulaire op te nemen!

    Het idee van dit lustrumboek is dat het voor alle leden leuk en toegankelijk is om te lezen. Geen bittere lange pil, maar ook iets wat zich leent om ‘even doorheen te bladeren’.

    Luuk: Je moet het in de kast kunnen zetten of op tafel kunnen leggen, en daar moet het dan ook een beetje opvallen. Vandaar dat ook voor dit formaat is gekozen.

    Pieter: Dat heeft Marc van Gijn bedacht.

    Luuk: Het moet smoel hebben. Tegelijkertijd is het ook een stukje geschiedenis wat je vastlegt. Toen hebben we de keuze gemaakt om ons heel duidelijk te focussen op de laatste vijftig jaar. Want sinds 1970 was er geen dergelijk naslagwerk meer gemaakt. Het is eigenlijk een nostalgische terugblik op een bewogen periode. Er zijn in die tijd een hele hoop mooie dingen gebeurd, en ook akelige dingen. Daar hebben we ook onze ogen niet voor gesloten. Het ergste was voor mij het verhaal van Ewoud Zwolsman.

    Het verhaal van Ewoud is te lezen op pagina 70 van het lustrumboek. Deze 26-jarige speler van het toenmalige 6e cricketelftal, kwam in 1982 op tragische wijze om het leven bij een auto-ongeluk op de A4. Hij was met zijn teamgenoten op weg naar huis na een uitwedstrijd in Amsterdam, toen de auto waarin zij zaten door een andere auto van de weg werd gereden (iets waarvoor de bestuurder van die andere auto later werd veroordeeld) en in een sloot belandde. Ewoud overleefde dat niet. Jan Offerman bestuurde de auto met V.O.C.’ers die van de weg werd gereden en hij doet in het lustrumboek zijn verhaal over dit drama.

    Pieter: In het boek is dit heel mooi opgeschreven door Bert Roldaan en het is echt heel bijzonder dat Jan er aan mee heeft gewerkt. Dat was niet makkelijk voor hem. Een jongen van 26 die er ineens niet meer was, en dat na in ongeluk in een volle ‘V.O.C.-setting’. Het heeft enorme impact gehad.

    Luuk: De tragische gebeurtenissen die er zijn geweest zijn we dus niet vergeten in het boek. Natuurlijk overheersen uiteindelijk toch de mooie herinneringen. Het witte hekje voor het oude clubhuis, dat soort herkenbare leuke dingen. Dat hekje is destijds geplaatst door de terreincommissie en ik heb dat heel vaak als een voorbeeld gebruikt in gesprekken met mensen: verf gewoon een wit hekje! Het stelt misschien helemaal niks voor, maar het ziet eruit alsof dat wél zo is! Het gaf aan dat er activiteit was.

    Pieter: Het doet mij denken aan dat wij vroeger allemaal hele zomers op de club waren om bijvoorbeeld de screens te verven. Dat was echt hoe de club toen werd gerund. Ik denk dat iedereen van mijn generatie dat soort dingen in die tijd heeft gedaan.

    Luuk: Dat soort verhalen staan er allemaal in en dat zorgt dat het een soort ‘memory lane’ is geworden. Ik vond het ook mooi dat mensen tegen me zeiden toen het boek uitkwam: Oh, dit of dat was ik helemaal vergeten. Bijvoorbeeld de piano op het terras op het oude terrein. En dan komen alle verhalen daarover weer naar boven.

    Pieter: Ik hoop dat als mensen het lezen, ze in eerste instantie een beetje begrijpen hoe de vereniging in elkaar zit. Ook zou het goed zijn dat mensen gaan zien hoe aardig het is om dingen te bewaren, zodat er over een jaar of 25 weer zo’n boek kan worden gemaakt.

    De hoop is dus dat in de toekomst een nieuwe commissie een opvolger van dit lustrumboek zal maken, waarin het wel en wee van V.O.C. van nu tot dan wordt vastgelegd. Pieter en Luuk hopen dat er tot die tijd dan ook werk wordt gemaakt van het archiveren van stukken die daarvoor van belang zijn.

    Luuk: Het is ook wel een beetje een zorg voor mij of we op dit moment wel genoeg archiveren. Want in de toekomst willen we als club natuurlijk weer een keer zoiets kunnen maken, over de huidige periode.

    Pieter: Het is altijd de vraag: wat is het waard om te bewaren? Moet je alle nota’s bewaren? Nee. Notulen van bestuursvergaderingen? Dat wel. Maar hoe ga je dat doen?

    Luuk: De vraag is of je dat allemaal moet gaan digitaliseren. Ik denk van wel, alleen dat is een hele flinke klus. Je hoeft dat dan echt niet allemaal op de site te gaan zetten, maar je moet het wel bewaren.

    Als er dan een volgende commissie komt die een lustrumboek gaat maken, wat zijn dan de belangrijkste tips die Pieter en Luuk voor ze hebben?

    Luuk: Begin op tijd en breid je kring van redacteuren ook op tijd uit. Vraag ook een hoop mensen om je heen om input. Zo kwam Elvin Post bijvoorbeeld met het idee om iets te schrijven over kampioensjaren en hij heeft dat zelf helemaal vorm gegeven. Ook iemand erbij betrekken die er met een meer afstandelijke bril naar kan kijken is een goed idee. Zo hadden wij Albrand Leeuwe, die van de meeste jaren die zijn beschreven niks heeft meegemaakt. Ondanks dat heeft hij met zijn journalistieke bril heel veel kunnen toevoegen aan het eindproduct.

    Pieter: En aan de andere kant is het wel goed dat we het door niemand hebben laten maken die helemaal níets met de vereniging heeft. Zo is het een boek geworden van V.O.C., over V.O.C.-ers, door V.O.C.-ers.

     

    Onderstaande foto's: Linda Kok