• De Zonen van V.O.C. – Interview met Cian Huigen

  • Door: Willem Jan Ruiter

    Foto's: Linda Kok

    De V.O.C.abulaire besteed in elke editie aandacht aan spelers van V.O.C. die de weg naar het betaald voetbal hebben gemaakt; “De Zonen van V.O.C.”. Vorige maand was de aftrap met Martijn de Vries, nu is de beurt aan Cian Huigen.

    Het is een koude en vooral natte vrijdagmiddag wanneer ik het verlaten terrein aan de Hazelaarweg op rijd. Normaal is het op vrijdagmiddag een komen en gaan van voetballers, maar nu is het door alle coronamaatregelen angstvallig stil. Ik heb afgesproken met Cian Huigen, hij voetbalt momenteel in de JO15-01 van Excelsior en speelt cricket in de U15 van V.O.C. en de U16 van de Dutch Lions. Cian heeft tot de JO11 bij V.O.C. gevoetbald.

    (Tekst loopt door onder de foto)

     Fred van Roon heeft ons toestemming gegeven om (coronaproof) het interview in de Bestuurskamer van V.O.C. te houden. Een plek die prima past voor een interview met het jonge talent van Excelsior, die zoals gezegd zijn eerste stappen in het voetbal op de velden van V.O.C. heeft gezet. Wat direct al opvalt is dat deze jongen heel goed weet waar hij mee bezig is en wat zijn ambities zijn. Cian ademt topsport. Het is dus allemaal begonnen op V.O.C., begint Cian. ‘’Mijn vader voetbalde in het 1e en was trainer bij V.O.C. en van jongs af aan ging ik met hem mee naar de club. Ik ben begonnen bij de Kabouters in team Chelsea en we werden daar meteen al ongeslagen kampioen. Via de F-mini’s en de F6 meteen door naar de F1 waar we weer kampioen werden. Van daaruit via de E3 naar de E1 waar we wederom kampioen werden. Dat was een geweldige tijd met mooie herinneringen.’’

    ‘’Hier heb ik onder anderen Maas Heere leren kennen, met wie ik ook cricket bij de Dutch Lions. Het was denk ik vanaf de E1 dat scouts van BVO’s naar wedstrijden van me kwamen kijken’’. ‘’Ik kan me een van die wedstrijden nog goed herinneren, dat was met V.O.C. in de competitie uit tegen Alexandria ’66. De bekerwedstrijd hadden we van ze verloren. Mijn directe tegenstander van Alexandria was tevens mijn concurrent die in de belangstelling stond van de drie grote clubs uit Rotterdam. We stonden 2-1 voor toen hij tijdens een duel neerging en geblesseerd het veld moest verlaten. Kort daarna kreeg ik een voorzet die ik diagonaal het doel inkopte. Toen groeide wel het gevoel dat ik het in me had. Tijdens het juichen zag ik drie mannen op de tribune druk met elkaar praten en wijzen. Dat bleken later scouts van Feyenoord, Excelsior en Sparta te zijn. Vanaf dat moment ging het allemaal vrij snel.’’

    ‘’Zo kwam ik in de selectie van het Nederlands elftal van amateurclubs terecht. Tijdens een wedstrijd uit bij VFC Vlaardingen stond een man met een Nederlands-elftaljas aan langs de lijn. Niet veel later kreeg ik samen met Koen Beckerhoff en Eise Zwaan een brief met een uitnodiging van de KNVB om met de eerste ronde van het Nederlands elftal van amateurclubs mee te doen bij Excelsior Maassluis. De dinsdag na de wedstrijd kreeg je dan meteen te horen of je door was naar de tweede ronde. En ik was door! We moesten daarna nog vier rondes doorkomen tot ik uiteindelijk met 22 andere jongens over was. En dan kom je in beeld om stage te lopen bij Excelsior. Samen met Tobias Poggio, Max Appelman en Matthijs van den Bos. Ik heb tot de JO11 bij V.O.C. gespeeld en ben vanaf dat moment bij Excelsior gaan voetballen samen met Matthijs. Daar kregen wij niemand minder dan Luigi Bruins als trainer. Ik heb veel van hem geleerd, al was het maar omdat hij ook middenvelder is. Belangrijkste wat hij me geleerd heeft, is dat je zakelijk moet spelen. De eerste drie ballen naar je eigen kleur en vanaf daar opbouwen.’’

    ''Er komt inderdaad wel veel op je af dan. Daar kunnen mijn ouders me gelukkig goed bij helpen. We praten dan samen over wat ik moet doen, en soms ook moet laten, om verder te komen. Ja, mijn ouders steunen me enorm maar zorgen er tegelijkertijd ook voor dat ik niet te veel hooi op mijn vork neem. School gaat ook gewoon voor he...’’ 

    (Tekst loopt door onder de foto)

    ‘’Ik zit nu op het VWO van het Laurens Lyceum en heb het idee dat ik alles aardig onder controle heb. Een goede planning is wel cruciaal maar ritme en discipline ook. Zodra ik ‘s morgens opsta doe ik eerst mijn oefeningen om fit te zijn en te blijven. Dan gezond ontbijten met fruit, Brintapap met lijnzaadolie en smoothies. Dan snel door naar school waar ik tot 14.00 les heb. Met toestemming van de topsportcoördinator van school hoef ik het laatste uur niet te volgen zodat ik op tijd kan trainen. Daardoor mis ik jammer genoeg wel sommige stof maar mijn cijfers zijn gelukkig goed.’’

    ‘’Naar de training carpoolen we, dan rijden mijn ouders bij toerbeurt en zelfs mijn opa heeft ons een tijd gereden, voordat hij naar Engeland verhuisde. Na de training van anderhalf uur snel naar huis om te eten. Om mijn spieren weer fit te krijgen heb ik een handig trucje bedacht. Ik heb een roller met van die stekeltjes erop waarmee ik na het rekken en strekken dan mijn spieren weer soepel rol. Dat helpt om fit te blijven. Na deze cooling-down wacht m’n huiswerk voordat ik eindelijk kan gaan slapen. De volgende dag wacht weer hetzelfde ritueel.’’

    ''Nee, afzien is het niet. Ik vind dit leuk, heb hiervoor gekozen en heb ambitie genoeg om nog verder te gaan. Natuurlijk moet ik oppassen dat ik niet geblesseerd raak. Ook hier helpen mijn ouders me. Zij houden in de gaten dat ik niet te veel van mijzelf vraag. Los van een kleine knieblessure heb ik eigenlijk nooit last gehad. Excelsior let hier natuurlijk ook goed op. Op tijd naar bed, spieroefeningen doen en gezond en gevarieerd eten. Samen met de club heb ik een voedingsschema gemaakt waar de volledige schijf van vijf in voorkomt. Ik ben nu op de leeftijd gekomen dat mijn lichaam gaat groeien en dan is het belangrijk dat ik die groeiperiode zonder blessures doorkom.’’

    ‘’Ik begin nu langzaamaan ook met krachttraining. Dat moet ik heel voorzichtig en met beleid opbouwen. Ik train nu zo’n 45 minuten met gewichten en bouw dan voorzichtig op naarmate ik ouder word. Daarnaast doe ik aan Pilatus om m’n beenspieren verder te ontwikkelen. Waar ik nog kan verbeteren is dat ik soms wat slimmer moet spelen. Jeronimo Poggio zei eens tegen mij: “Als jij een hele wedstrijd niet appelleert of tegen de scheidsrechter praat, krijg je een zak snoep van me”. Om maar aan te geven dat de focus op de wedstrijd moet zijn.’

    ‘’Met Excelsior spelen we tegen de andere grote profclubs in Nederland. Dus ook bijvoorbeeld Roda JC, wat inhoudt dat we helemaal naar Kerkrade moeten, ruim drie uur rijden. Dan verzamelen we al om 07.00 ’s morgens op Woudestein. Gelukkig gaan we dan met de grote spelersbus van Excelsior. Ik ga altijd in het midden zitten, dan kan je lekker je benen strekken. En dan wat filmpjes kijken, beetje praten met de jongens en af en toe even heen en weer lopen om niet in te kakken. Als we dan in Kerkrade aankomen gaan we naar de kleedkamer en dan begint de concentratie. Nog een banaantje eten en goed nadenken over wat mijn opdracht op het veld is die dag. In de kleedkamer ligt onze wedstrijdkleding al netjes klaar.’’

    ‘’Na de wedstrijdbespreking met de trainer gaan we het veld op voor de warming-up. Excelsior Rotterdam is toch een grote club wat soms best wel intimiderend kan werken op de tegenstander. Na de warming-up terug naar de kleedkamer, zodat we met de tegenstander tegelijk het veld op kunnen. Dan ben ik best wel even gespannen, maar zodra de fluit klinkt is het klaar en ben ik 100% geconcentreerd op de wedstrijd. Een als we dan uiteindelijk gewonnen hebben is het lekker zingen in de bus op de terugweg. Tja, en als we verloren is het een lange reis terug naar Rotterdam…Gelukkig winnen we veel!’’

    ‘’Vooralsnog kan ik het cricket en voetbal goed combineren. Voordeel is ook dat er geen voetbal is als het cricketseizoen begint. Excelsior stimuleert het ook om er een tweede sport naast te doen, om fit te blijven en nieuwe spelinzichten op te doen. Mijn focus ligt wel op het voetbal.  Waar ik over 5 jaar speel? Bij Ajax (zegt hij lachend). Op het middenveld. Mijn spel is denk ik het beste te omschrijven als een mix van Frenkie de Jong en Jordan Henderson. Tactisch vaardig, verbaal sterk, discipline en inzicht. Het gaat tegenwoordig heel snel, kijk maar naar Julian Rijkhoff. Begonnen in de jeugd van Ajax en de dag na zijn 16e verjaardag getekend bij Borussia Dortmund.’’